. . . Hulp en contact Hulp: Praktische hulp

Praktische hulp Hulp & contact

Praktische hulp

Voor ieder probleem is andere hulp nodig. Gelukkig is die hulp er. Je moet alleen wel weten waar je moet zijn.

Je kunt verschillende problemen hebben die met werk te maken hebben. Zo kun je ruzie met collega’s hebben of gepest worden op het werk. Het gevoel hebben dat je niet goed bent in je werk of geen werk vinden dat bij je past. 

Misschien denk je thuis veel aan de problemen op het werk. Of juist andersom: dat je op het werk veel denkt aan problemen thuis. Hiervan kun je veel stress hebben of kun je je minder goed concentreren. Je kunt er zelfs lichamelijke klachten door krijgen, zoals buikpijn, hoofdpijn, nek- en rugklachten, duizeligheid, moeheid.

Met al deze klachten kun je bij de huisarts terecht, maar ook bij (bedrijfs)maatschappelijk werk of de bedrijfsarts (arbodienst). De zorgverzekeraar vergoedt deze hulp, dus het kost je geen geld. Werkgevers kunnen ook hulp bieden bij stressklachten of bij het voorkomen hiervan. Sommige bedrijven hebben een vertrouwenspersoon aangesteld, met wie je vertrouwelijk kunt overleggen. En dan zijn er nog  psychologen en  loopbaancoaches. Voor deze hulp moet je vaak zelf ook iets betalen. Soms kan de werkgever helpen bij het krijgen en betalen van hulp. Je kunt zoveel last hebben van het geweld dat je hebt meegemaakt dat je moeilijk een baan vindt of deze verliest. In dat geval kun je hulp vragen bij het sociaal wijkteam of het UWV.

Heb je schulden, of vind je het moeilijk om met geld om te gaan of om je administratie bij te houden? Voor hulp bij alles wat met geld te maken heeft kun je terecht bij het Nibud. Ook kun je daar terecht als je informatie zoekt over bijvoorbeeld verzekeringen en leningen. Of over huurtoeslag en zorgtoeslag.

Het Nibud geeft op hun website tips over hoe je meer geld kunt overhouden. Ook kun je je op de website aanmelden voor gratis coaching via de mail. In sommige gemeenten kun je een training volgen in het omgaan met geld (ontwikkeld door het Nibud). Deze is meestal gratis en je kunt de training vinden via Google.

Als je grote schulden hebt kun je schuldhulpverlening van de gemeente krijgen. Wat dit is en wat je ervoor moet doen, kun je lezen op de website van het Juridisch Loket.

Als je hele nare dingen hebt meegemaakt, kun je hier later veel verschillende problemen door krijgen. Je kunt het bijvoorbeeld moeilijk vinden om je aan mensen te hechten. Ook kun je moeite hebben met knuffelen of seks of bang zijn dat je zelf dader wordt.
Voor hulp bij relatieproblemen kun je terecht bij de huisarts. Deze kan je verwijzen naar een  psycholoog, maatschappelijk werker of mediator. De zorgverzekeraar vergoedt de kosten hiervan meestal niet.
Als er geweld bij jullie thuis is, dan kan Veilig Thuis hulp geven aan slachtoffer én dader.
Soms is het ook nodig om juridische hulp te zoeken, zoals bij een scheiding. Onder het kopje ‘Juridische hulp’ op deze pagina lees je daar meer over.

Voor lichamelijke klachten kun je het beste terecht bij je huisarts. Deze kan je ook verwijzen als dat nodig is. Bijvoorbeeld naar een andere arts, fysiotherapeut of de geestelijke gezondheidszorg (GGZ). Probeer er voor de behandeling achter te komen wat de kosten zijn en of je die zelf moet betalen. Soms vergoedt de zorgverzekeraar namelijk de kosten of betaalt de werkgever om ervoor te zorgen dat je sneller weer aan het werk kan.

Misschien heb je hulp nodig bij een reparaties, je computer, het beantwoorden van post of heb je gewoon behoefte aan een praatje. Dit soort alledaagse dingen kun je vaak vragen aan familie, vrienden, kennissen, buren of buurtbewoners. Al deze mensen samen noem je sociale netwerk. Veel mensen willen graag helpen als zij weten hóe zij dit kunnen doen. Je krijgt meer hulp als je er om durft te vragen. Soms is het makkelijker om iets te vragen als je ook iets terug kunt doen.

Ook kun je hulp vinden bij welzijnsorganisaties, het wijkteam, buurthulp en vrijwilligersorganisaties. Die zijn gericht op het opbouwen van sociaal contact in de buurt (bijv. met maatjesprojecten en groepsactiviteiten). Verschillende organisaties bieden een helpende hand bij het dagelijkse leven, zoals klusjes en boodschappen. Als je geen sociaal netwerk hebt om je te helpen, kan de gemeente ondersteuning geven. Je kunt deze ondersteuning aanvragen via het Wmo-loket van jouw gemeente.

Heb je juridische vragen over wonen, werkrelaties, politie en justitie, aankopen of schulden? Via de website van het Juridisch Loket vind je informatie, tips en voorbeeldbrieven. Ook is er een telefoonlijn voor persoonlijk advies (€0,10 per minuut). Als het veel tijd kost om je vraag te beantwoorden kun je een afspraak met een jurist krijgen. Als je meer dan een bepaald bedrag verdient kun je hier geen gebruik van maken.

Wil je weten hoe je aangifte kunt doen van geweld? En of dat nog kan als het lang geleden is? Neem dan contact op met Slachtofferhulp Nederland.

Verjaringstermijn bij seksueel misbruik

Uit eerdere contacten met lotgenotenorganisaties kwam het signaal naar voren dat de verjaringstermijn in het strafrecht ervoor zorgt dat personen die in hun jeugd seksueel werden misbruikt, niet op een later moment nog succesvol aangifte tegen de daders kunnen doen. Slachtoffers hebben soms pas later in hun leven de moed en/of de behoefte om zich tegen die dader te verweren.

Sinds 1 april 2013 kunnen ernstige seksuele misdrijven tegen kinderen waarop het wetboek van strafrecht een straf van 8 jaar of meer heeft gezet, niet meer verjaren. Zo geldt geen verjaringstermijn meer voor verkrachting, aanranding en voor gemeenschap met kinderen onder de 16 jaar. De verjaringstermijn geldt niet alleen voor ernstige zedenmisdrijven die na 1 april 2013 zijn gepleegd maar ook voor misdrijven die op dat moment nog niet waren verjaard.

Alleen als de verdachte van seksueel misbruik op het moment van het plegen tussen de 12 en 16 jaar was, dan geldt wél een verjaringstermijn (van 20 jaar). Verdachten van 16 of 17 jaar van ernstige zedenmisdrijven vallen wél onder de nieuwe verjaringstermijn. Dus in hun geval zal het misdrijf niet verjaren.

Iedere ouder heeft wel eens vragen over opvoeden. Als je zelf als kind in de jeugdzorg hebt gezeten, kan opvoeden soms extra lastig zijn. Dat kan komen doordat je geen voorbeeld van je eigen vader of moeder hebt gehad. Of omdat je het anders dan hen wilt doen, maar niet goed weet hoe. Of omdat je merkt dat je zelf problemen hebt en dat je kinderen daar last van hebben.
Hieronder vind je organisaties waar je informatie, advies of hulp kunt krijgen.

Informatie en advies

Dit zijn bijvoorbeeld vragen over de verzorging of het gedrag van je kind. En over regels, straffen en belonen. Je kunt je vragen over opvoeding bij verschillende organisaties stellen:

Op Opvoeden.nl vind je veel informatie over de ontwikkeling van kinderen. Je kunt er ook lezen welke organisatie er bij jou in de buurt informatie en persoonlijk advies kan geven. Vaak is dat een centrum voor jeugd en gezin of een GGD.
Je kunt ook meteen in de buurt advies vragen, bijvoorbeeld op het kinderdagverblijf of op school, bij de huisarts, het maatschappelijk werk, het wijkteam of een opvoedbureau of- winkel.

Als je merkt dat je opvoedvragen te maken hebben met je eigen problemen, kijk dan eens op Kopopouders.nl. Hier staat informatie speciaal voor ouders met stress, psychische problemen of een verslaving en hun partners. Je kunt daar ook een online cursus volgen en verhalen van anderen lezen.

Als je kind meer hulp nodig heeft

Misschien heb je meer nodig dan een advies. Bijvoorbeeld omdat je kind veel drukker, driftiger of stiller is dan andere kinderen. Of omdat het zich veel sneller of langzamer ontwikkelt dan leeftijdsgenootjes.  Als je kind jonger dan zeven is, kun je contact opnemen met een team voor integrale vroeghulp.
Is je kind zeven jaar of ouder, dan is de huisarts de eerste stap naar hulp. De huisarts helpt je zelf of verwijst door naar de jeugdpsychiater. De jeugdpsychiater kan bepalen of je kind een bepaald gedragsprobleem heeft, bijvoorbeeld een gedragsstoornis, autisme of ADHD.

Als je ernstige problemen hebt in je gezin kan een gezinsbegeleider helpen. Een gezinsbegeleider helpt bij het huishouden, de zorg voor het gezin en de opvoeding. Hij of zij helpt je bij het opvoeden en communiceren met je kind(eren).

Als je kind een beperking heeft

Als je kind een psychische stoornis of beperking heeft, kun je hulp vragen bij het zorg- en adviesteam van de school van je kind. Ook het maatschappelijk werk in de wijk of gemeente kan helpen. Er zijn ook organisaties die zich helemaal richten op kinderen met een beperking:

  • MEE (Mee.nl): als je kind een lichamelijke, verstandelijke of zintuiglijke beperking heeft.
  • Balans (Balansdigitaal.nl): als je kind leerproblemen of ADHD heeft en/of autistisch is.

Intensieve hulp nodig bij het opvoeden en omgaan met de beperking of het gedrag van je kind? Dan kan je terecht bij een orthopedagogisch behandelcentrum of een medisch kinderdagverblijf. Dit kun je bespreken met je huisarts of met de integrale vroeghulp.

Heb je een vraag?

Heb je een vraag over deze website of over de informatie die op de website staat? Neem dan contact met ons op.

Vergroot lettertype
Scroll naar top